VRIENDSCHAPSVERDRAG KONINKRIJK EN VERENIGDE STATEN
Wanneer geldt vrijstelling van het stellen van cautie?
Op grond van het Verdrag van vriendschap, handel en scheepvaart tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika met bijbehorend Protocol (Trb. 1956, 40) hoeft een onderdaan van de Verenigde Staten, die in Nederland (of elders in het Koninkrijk) een procedure aanhangig maakt, geen zekerheid voor de proceskosten te stellen. Omgekeerd geldt hetzelfde. Het begrip ‘onderdaan’ wordt in de rechtspraak niet eenduidig uitgelegd. De kernvraag is of het bij het begrip ‘onderdaan’ gaat om de nationaliteit van de betrokken persoon (dus of de persoon een staatsburger is) dan wel …
Read the rest »


